![]()
| Sabinus,
Sabina, Sabine. |
Afgeleid
van het Latijns
met de betekenis; behorende tot de stam der Sabijnen. De
Sabijnen waren in de vroege geschiedenis van Rome een
naburige stam die zich met de Romeinen vermengde (Sabijnse
maagdenroof). |
Er
is een feestdag op 11 december ter ere van de Heilige
Sabinus, de bisschop van Piacenza
uit de 9de eeuw. |
| Salome | Afgeleid
van het Hebreeuwse
'sjalom' wat vrede betekend. De naam betekent
dus: de vredelievende. |
Naam van de moeder der apostelen Jacobus en Johannes, en de vrouw van Zebedeus (Matt. 26 ). |
| Salomo,
Sal, Salomon; Salomea. |
Afgeleid
van het Hebreeuwse
'sjelomoh' wat de vreedzame betekend. |
Een
bekende naamdrager was Salomo, in de bijbel zoon van
David en Batseba (1 Kon. i e.v.), het is tevens een
van de namen van Jezus Christus. |
| Salvador, Salvatore (It.). | Afgeleid
van het Latijnse
'salvator' wat redder betekend. |
Er
is een feestdag op 18 maart ter ere van Salvador, een Spaanse
monnik uit de 12de eeuw. |
| Samuel,
Sal, Sam; Samuela. |
Afgeleid van het Hebreeuwse 'sjemoeel' wat door God verhoord betekend. | Een
bekende naamdrager was Samuel, een van de grote profeten
uit het Oude Testament . |
| Sara,
Saar, Sarah, Sarie, Saddie (Eng.), Sally (Eng.), Zarah
(DU.). |
Afgeleid
van het Hebreeuwse
'sjar' wat vorst betekend. De betekenis is dus;
de vorstelijke. |
Een
bekende naamdraagster was Sara de vrouw van Abraham, die
op 90 jarige leeftijd het leven schonk aan een zoon,
Izaak. Zij is de stammoeder van het volk van Israel
(Gen.19). |
| Saskia,
Saskje. |
Afgeleid
van het Germaanse
'saks' wat zwaard betekend. |
Een bekende naamdrager was Saskia van Uylenburch, de eerste vrouw van Rembrandt van Rijn. |
| Sebastianus,
Bas, Bastiaan, Sebastiaan, Bastien (Fr.), Sebastien
(Fr.); Bastiana, Senne, Sebastienne (Fr.). |
Afgeleid
van het Griekse
'sebastos' wat eerwaardig of verheven betekend. |
Er is een feestdag op 20 januari ter ere van Sebastianus, die volgens de legende in de 4de eeuw op bevel van keizer, Diocletianus met pijlen doorboord om zijn geloof. Hij werd doodgewaand, doch herstelde en verweet de keizer om zijn misdaad, waarop hij werd gedood. |
| Serafinus,
Serafijn, Seraphinus, Seraphin (Fr.), Seraph (Fr.);
Cerafine, Serafina. |
Afgeleid
van het Hebreeuws
met de betekenis; de lichtgevende. |
Een
bekende naamdrager was Serafim, in het Oude Testament
een van de hogere engelen die bij Gods
troon stonden. |
| Sergius,
Serge (Fr.), Sergius (Du.), Sergej (Russ.). |
Afgeleid
van het Latijn
met de betekenis: dienaar. |
Er
is een feestdag ter ere van Sergius en Bacchus, twee Syrische
martelaars uit de 9de eeuw. Bacchus werd
doodgegeseld en Sergius onthoofd. |
| Servatius,
Faas, Servaas, Servaz (Du.), Servais (Fr.); Servatia. |
Afgeleid
van het Latijnse
'servare' wat redden betekend. De betekenis is
dus: de geredde. |
Er
is een feestdag op 19 mei ter ere van Servatius, de
bisschop van Maastricht en Tongeren.
Hij leefde volgens de legende ten tijde van Attila. Zijn
leven werd door Hendrik van Veldeke beschreven. |
| Shirly | Deze naam komt uit het Engels. Het was oorspronkelijk een geografische naam en betekende graafschap (vgl. Yorkshire). | Vooral
in Amerika
en Engeland
voorkomende naam, vooral populair geworden door de
'kind' actrice Shirley Temple (1928). |
| Sibald,
Sibbelt, Sibold, Sibolt, Sibout, Sebald, Sigbold (Du.);
Sibbeltsje. |
Afgeleid van het Germaanse 'sig' wat zegen en 'bald' wat stoutmoedig betekend. De betekenis is dus: de dappere overwinnaar. | Er is een feestdag op 19 augustus ter ere van Sebald, een Duitse kluizenaar uit de 11de eeuw, zijn graf was reeds vroeg een bedevaartplaats. |
| Sibrecht,
Sebregt, Sibert, Siegbert, Sijbert, Sebert (Du.), Sebert
(Fr.); Siberdina, Siberta, Sibrechtje. |
Afgeleid
van het Germaanse
'sig' wat zege en 'brecht' wat
schitterend betekend. De betekenis is dus: de
schitterende overwinnaar. |
Vooral
de naam van verscheidene heiligen, o.a. Sigibert II, in
de 7de eeuw, zoon van de Frankische
koning Dagobert I, na wiens overlijden hij op driejarige
|
| Sibren,
Sybren; Siebriena. |
Afgeleid
van het Germaanse
'sig' wat zege en 'brand' wat brand
betekend. De betekenis is waarschijnlijk: het vlammende
(zwaard) van de |
Voornamelijk
in Friesland
en Groningen
voorkomende naam. |
| Sibylla,
Sybilla, Sybille, Sibilla (Du.), Sibylle (Fr.), Sibyl
(Eng.). |
Afgeleid
van het Latijnse
'Sibylla' wat waarzegster betekend. |
|
| Sidonius,
Sidoine (Fr.), Saens (Fr.); Sidonia, Sidonie. |
Afgeleid
van het Latijn
met de betekenis: inwoner van (afkomstig uit) Sidon. |
Er
is een feestdag op 14 november ter ere van Sidonius een Franse
abt uit de 7de eeuw, naar hem werd het klooster
St.Saens benoemd; het werd eind 9de eeuw door
de Noormannen
verwoest, als zodanig is het ook een familienaam
geworden. |
| Siegfried,
Sievert, Sigurd, Seifert, Sifrid (Du.). |
Afgeleid
van het Germaanse
'sig' wat zege en 'fred' wat vrede
betekend. De betekenis is waarschijnlijk: beschermer van
de zege. |
Deze
naam kwam veel voor in Germaanse
heldensagen, waarnaar Wagner zijn opera's componeerde
zoals bijvoorbeeld (Der Ring des Nibelungen). |
| Sieuwe,
Sieuwke, Sjoeke, Sjouke; Sjoukje, Soukje, Zieuwtje. |
Afgeleid
van het Germaans
met waarschijnlijke betekenis: behoeder der overwinning. |
Vooral
in Friesland
en Groningen
voorkomende naam. |
| Sieuwerd, Sievert, Siewerd, Sjoerd, Sywert; Sievertje, Siewertje. | Afgeleid
van het Germaanse
'sic' wat zegen en 'ward' wat
beschermer betekend. De betekenis is dus: de behoeder
van de overwinning. |
Vooral
in Friesland
voorkomende naam. |
| Sig | Afgeleid van het Germaanse 'sigu' wat zege of overwinning betekend. | Enkele
verwante elementen zijn: sie, sji, sjou en sju. |
| Sigrid | Afgeleid
van het Germaanse
'sigu' wat zege en 'ridna' wat rijden
betekend. De betekenis is waarschijnlijk: op weg naar de
overwinning. |
Een
vooral in Scandinavie
voorkomende naam. |
| Silvester,
Sylvester, Sylvestre (Fr.); Silvia, Sylvia. |
Afgeleid
van het Latijnse
'silvestris' wat afkomstig uit het woud
betekend. |
Een bekende naamdrager was Silvester I, uit de 9de eeuw, een paus met grote invloed op keizer Constantijn de Grote. |
| Simon,
Siem, Siemen, Siemon, Simeon, Symen; Simone, Simonia,
Simonette (Fr.). |
Afgeleid
van het Hebreeuwse
'sjema' wat verhoren betekend. De betekenis is
dus: de verhoorde. |
Een
in het Nieuwe Testament veel
voorkomende naam, o.a. de discipel Simon (Petrus). En is
tevens de naam van de bisschop van Jeruzalem
Simeon, een feestdag is op 18 februari. |
| Simson,
Samson, Sampson (Eng.). |
Afgeleid
van het Hebreeuwse
'sjemesj' wat zon betekend. De betekenis is
waarschijnlijk: zonnekind of kind van de zonnegod. |
Een
bekende naamdrager was Simson, een der richteren van Israel,
die heftig streed tegen de Filistijnen en beroemd was om
zijn kracht, totdat Delila hem die ontfutselde door hem
zijn haren af te knippen (Richteren 19 – 16). |
| Sind | Afgeleid van het Germaans met de betekenis: gaan, zenden. Komt in een aantal namen voor. | Enkele
verwante elementen zijn: sein, sint en sin. |
| Socrates | Afgeleid
van het Griekse
'saoein' wat redder en 'kratos' wat
kracht betekend. De betekenis is waarschijnlijk: gered,
veilig door kracht. |
Een bekende naamdrager was Socrates, een bekende Atheense wijsgeer uit de 9de eeuw v.C. tot wiens leerlingen Plato en Xenophon behoorden. |
| Sofia, Fie, Fieke, Fietje, Sofie, Sophia, Sophie. | Afgeleid
van het Griekse
'sophia'. De betekenis is de wijze. |
Er
is een feestdag op 1 augustus ter ere van Sophia die met
haar dochters haar geld verdeelde onder de armen. Uit
verlangen naar martelaarschap gingen zij naar Rome,
waar zij al spoedig door de keizer aangeklaagd en ter
dood gebracht werden. |
| Sonja,
Sonia. |
Waarschijnlijk
een Slavische
vorm van Sofia wat de wijze betekend. |
Hierover is verder niets bekend. |
| Stanislaus, Stanis, Stanislas, Stani- slaus (Du.). | Afgeleid
van het Slavisch
met de betekenis; beroemd door strijd. |
Hierover is verder niets bekend. |
| Stanley,
Stan. |
Engelse
naam van geografische oorsprong. Later een familienaam
en daarna in zwang geraakt als voornaam. |
Er
is een feestdag op 7 mei ter ere van Stanislaus, in de 11de
eeuw bisschop van Krakau,
en is door de toen regerende vorst van Polen
gedood. |
| Stefanus,
Steef, Stef, Stefan, Steffen, Steffert, Stephaan,
Steven, Etienne (Fr.), Stephane (Fr.), Stephan (Eng.),
Steve (Eng.), Esteban (Sp.). Fanie, Steefje, Stefana,
Stefanie, Stephanie, Stevina, Fanny (Eng.). |
Afgeleid
van het Griekse
'stephanos' wat krans betekend. De betekenis is
waarschijnlijk: de bekroonde (overwinnaar). |
Er is een feestdag op 26 december ter ere van Stefanus, de eerste martelaar uit de 1ste eeuw, die is gestenigd. |
| Stella,
Estella (Fr.). |
Afgeleid
van het Latijnse
'stella' wat ster betekend. Stella is de
Latijnse vorm van Esther. |
Een
bekende naamdrager is Stella, de hoofdpersoon uit
de gelijknamige novelle van Jan de Hartog. |
| Stuart,
Stewart. |
Oorspronkelijk
een familienaam van het Schotse
koningshuis. De betekenis was waarschijnlijk;
huisbewaarder. Later ook gebruikt als voornaam. |
Een bekende naamdrager was: J. Stuart Mill (1806 – 1879), Engels filosoof en econoom. |
| Susanna,
Sanna, Sanne, Susan, Susette, Suze, Sue (Eng.), Susan
(Eng.), Susannah (Eng.). |
Afgeleid
van het Hebreeuws
'sjoesjanah' wat lelies betekenen. |
Er
is een feestdag op 11 augustus ter ere van Susanna, een
Romeinse
martelares uit de 4de eeuw. In een van de
apocriefe boeken is Susanna een mooie vrouw die,
aangeklaagd door afgewezen vrijers, door Daniel wordt
geholpen. |
| Suster,
Sus, Suske, Zus. |
Verklein
en vleivormen van zuster. |
Een
bekende naamdrager is Suske,
een held uit de strip Suske en Wiske van Willy
Vandersteen. |
| Swaen,
Swanik, Zwanik; Swaantje, Zwaantje, Zwanetha. |
Afgeleid
van het Germaanse
'swan' wat zwaan betekend. |
Vooral
in Friesland
en Drenthe
voorkomende naam. |